Label: Heiligheid

Er zijn 51 resultaten voor "Heiligheid"

“Treed niet in discussie met de bekoring”

Je dobbert rond in de bekoringen, brengt jezelf in gevaar, speelt met je blikken en met je fantasie, kletst over - flauwekul. - En dan schrik je als je wordt overvallen door twijfels, scrupules, toestanden van verwarring, verdrietigheid en ontmoediging. - Je moet toegeven dat je weinig consequent bent. (De Voor, 132)

“Een willoos willen is het”

Een willoos willen is het, als je de gelegenheid tot zondigen niet vastberaden vermijdt. - Misleid jezelf niet door me te zeggen dat je zwak bent. Je bent... laf, en dat is niet hetzelfde. (De Weg, 714)

“Wees veeleer als het oude steenblok”

Verlang niet te zijn als die vergulde windwijzer bovenop een groot gebouw: hij mag nóg zo glanzen en nóg zo hoog staan, voor de stevigheid van het gebouw is hij van geen betekenis. - Wees veeleer als het oude steenblok, verborgen in de fundering, onder de grond, waar niemand je ziet: dan zal dank zij jou het huis niet instorten. (De Weg, 590)

“God roept jullie om Hem juist in en vanuit het menselijke leven te dienen”

De wereld wacht op ons. Ja!, wij houden hartstochtelijk van deze wereld omdat God ons dat heeft geleerd: sic Deus dilexit mundum, zozeer heeft God de wereld liefgehad. En ook omdat het de plaats is waar onze veldslag plaatsheeft - in een schitterende oorlog van liefde - die ertoe moet leiden dat wij allen de vrede bereiken die Christus is komen stichten. (De Voor, 290)

“Liefde leggen in de kleine dingen”

In de verte, daar, aan de horizon, schijnt de hemel één te worden met de aarde. Vergeet niet dat de plaats waar aarde en hemel werkelijk één worden, jouw hart is, dat van een kind van God. (De Voor, 309)

“Houd mijn hand vast, Heer”

Er is een zeer aanzienlijk aantal christenen die apostel zouden zijn, als ze niet bang waren. Dat zijn dezelfden die zich vervolgens beklagen omdat de Heer zeggen ze! - hen in de steek laat: maar hoe gedragen zíj zich tegenover God? (De Voor, 103)

“Deze wereldcrisis is een crisis van heiligen”

Een dag van heil, een dag van eeuwig leven is voor ons aangebroken. Opnieuw klinkt het gefluit van de goddelijke Herder en weer zijn die liefdevolle woorden er, vocavi te nomine tuo, Ik heb je bij je naam geroepen. Zoals onze moeder, roept Hij ons bij onze naam; bij de naam waarmee we thuis geliefkoosd werden. Daar, in de intimiteit van je ziel, roept Hij. Je hoeft alleen maar te antwoorden: Ecce ego, quia vocasti me, Hier ben ik, omdat Gij mij geroepen hebt. En deze keer ben ik vastbesloten de tijd niet...

“Vergeet de vijgeboom niet, die vervloekt werd”

Gebruik je tijd goed. - Vergeet de vijgeboom niet, die vervloekt werd. Toch bracht hij wat voort: bladeren, net als jij... - Kom niet aandragen met verontschuldigingen: - Het baatte de vijgeboom niet, vertelt de Evangelist, dat het niet de tijd van de vijgen was, toen de Heer ze wilde hebben. - Hij bleef onvruchtbaar voor immer. (De Weg, 354)

“Doe alles wat in je vermogen ligt om God beter te leren kennen”

Doe elke dag alles wat in je vermogen ligt om God beter te leren kennen, meer met Hem 'om te gaan', steeds meer van Hem te gaan houden en aan niets anders te denken dan aan zijn Liefde en zijn glorie. Dit kun je, mijn kind, als je je door niets laat afhouden van de tijd die je gereserveerd hebt voor gebed, als je de aanwezigheid van God verzorgt (met schietgebeden en geestelijke communies om vurig te blijven), als je de heilige Mis zonder haast bijwoont, en je je werk - dat je voor Hem doet - goed doet. ...

“Vergroot je hart”

Wees niet bekrompen. - Vergroot je hart tot het universeel, “katholiek”, is. Fladder niet rond als een kip, als je kunt opstijgen als een adelaar. (De Weg, 7)