Brief van de prelaat (februari 2014)

Ter gelegenheid van 14 februari brengt de prelaat in deze brief de liefde voor het Heilig Kruis van don Álvaro naar voren. "Laten we zijn voorspraak inroepen, opdat we sterk kunnen blijven bij moeilijkheden en tegenslagen".

Pastorale brieven en berichten

Geliefde kinderen, moge Jezus jullie bewaren!

Nu bekend is geworden dat de zaligverklaring van onze zeer geliefde don Álvaro op 27 september van dit jaar zal plaatsvinden, zijn we met het aftellen van de dagen begonnen. Het is een geschenk van God dat de Kerk, het Werk en ieder van ons geestelijk zal verrijken. En nu we ons vol dankbaarheid tot de hemel richten, kan ieder van ons proberen om elke dag met een nog grotere trouw de roeping tot heiligheid te verzorgen die Jezus Christus verkondigde. De weg van heiliging in het dagelijks leven die de heilige Jozefmaria geopend heeft door zijn heldhaftige beantwoording aan de genade van God, hebben don Álvaro en vele andere gelovigen van de prelatuur al in volledige harmonie met dit onderricht afgelegd.

In de verklaring van de Kerk dat don Álvaro de christelijke deugden op heldhaftige wijze beoefende, stelt zij dat hij “volledig, voorbeeldig en geheel (...) de geest van het Opus Dei belichaamde, die de christenen oproept om de volheid van de liefde voor God en de naaste na te streven in de gewone bezigheden die in ons dagelijks leven verweven zijn.” [1] Ik wil jullie dan ook voorstellen om naar aanleiding van het eeuwfeest van zijn geboorte dat we op 11 maart vieren, je ogen aandachtig op de figuur van deze goede en trouwe dienstknecht [2] te richten aan wie de Heer toen de heilige Jozefmaria naar de hemel ging, de leiding van de prelatuur van het Opus Dei toevertrouwde. Laten we de wens koesteren om meer te weten over zijn beantwoording aan de christelijke roeping en proberen dit voorbeeld na te volgen. Dit kunnen we doen door zijn geschriften te overwegen, te leren van zijn beantwoording aan de genade en door zijn voorspraak in te roepen om ons de geest van het Werk in zijn geheel eigen te maken.

Voor de gelovigen van het Opus Dei, de medewerkers en voor allen die zich in deze geest willen heiligen, laat het consequente gedrag van don Álvaro ons een heel concrete manier zien om Jezus Christus te volgen, die de enige Meester en het enige voorbeeld van volmaaktheid is. Laten wij hem via de geëigende weg volgen, zoals hij het soms uitdrukte met het gevoel voor humor dat hem eigen was. Met andere woorden, laten we deze geest zo goed mogelijk assimileren om samen met Christus de weg af te leggen die de heilige Jozefmaria ons door de wil van God aangaf.

Behalve de opdracht van Jezus in de tempel en de zuivering van Onze Lieve Vrouw, vieren we deze maand het feest van 14 februari waar de eenheid van het Opus Dei op een speciale manier schittert. Zoals we weten herdenken we die dag opnieuw het begin van het Werk onder de vrouwen en de oprichting van het Priestergenootschap van het Heilig Kruis, hoewel dit in verschillende jaren plaatsvond. De Heilige Stoel heeft bepaald dat we in de prelatuur deze dag als een feest van Onze Lieve Vrouw vieren: Mater Pulchræ Dilectionis , Moeder van de Schone Liefde. [3]

Inde acte van een altaarwijding uit 1972 schreef de heilige Jozefmaria dat hij dat deed v oor de eer en glorie van onze Heer Jezus Christus die zijn Werk wilde bekronen met het heilig teken van het Kruis. Hij deed dit in een Centrum van mijn dochters en op de verjaardag van hun stichting. Hierin zag ik een nieuw goddelijk gebod voor de eenheid van onze familie, want de priesters zouden worden gewijd om ten dienste te staan van de twee afdelingen van het Werk . [4]

In Maria hebben wij het perfecte voorbeeld van een schepsel dat zich het hele leven volledig geïdentificeerd heeft met de wil van God. We zien dit vooral op het moment van de aankondiging dat zij de Moeder van God zou worden en bij haar volharding, vol sterkte, geloof, hoop en liefde, onder het Kruis waar haar Zoon voor onze verlossing is gestorven. De Heilige Vader schrijft: spreken over het geloof impliceert vaak het spreken over smartelijke beproevingen, maar juist daarin erkent de heilige Paulus de meest overtuigende verkondiging van het evangelie, omdat in zwakheid en lijden Gods kracht aan het licht komt en ontdekt wordt . [5]

De heilige Jozefmaria nodigde ons uit om erover na te denken in hoeverre wij vrienden van het Kruis van Christus zijn, van dat Kruis waarmee Jezus zijn Werk wilde bekronen (...). Hij wilde het bekronen zoals koningen dat doen op het hoogste punt van hun paleis: met het Kruis. Hij wilde zijn koningschap vestigen opdat de wereld zou zien dat het Opus Dei Gods werk is. Het gebeurde op een 14de februari. Ik begon de Mis te lezen, zoals op andere dagen, zonder iets te weten en eindigde in de wetenschap dat de Heer het priestergenootschap van het Heilig Kruis wilde, dat Hij wilde dat we ons bovennatuurlijk gebouw zouden bekronen, dat onze geestelijke familie dit teken van goddelijk koningschap zou oprichten. [6]

Ik beschouw don Álvaro als iemand die zich vanaf het moment dat hij de toelating tot het Opus Dei vroeg zo heeft opgesteld. Zijn liefde voor het heilig Kruishout groeide in de loop van de jaren, dag na dag, door zijn volledige trouw aan de genade en de nauwe vereniging met onze stichter. Nadat deze naar de hemel ging, hebben we veel details leren kennen waarin zijn liefde voor het offer tot uiting komt die ons verenigt met het kruis van Christus. Vooral sinds zijn aankomst in Rome in 1946 rustte jarenlang, naast veel andere taken, de opdracht op zijn schouders om fondsen te werven voor de bouw van de hoofdzetel van het Opus Dei. Dit baarde hem grote zorgen en was oorzaak van voortdurend lijden, hoewel dit geen afbreuk deed aan de vrede die hij bezat. Hij leed aan leverziekten, zware hoofdpijn en andere aandoeningen die niet van weinig invloed waren op zijn gezondheid. Hij bood zonder te klagen het hoofd aan deze situaties, met een glimlach op de lippen, gelukkig dit aan de Heer te kunnen aanbieden voor de Kerk en voor de ontwikkeling van het Werk.

Ik herinner me dat hij een keer met hoge koorts in bed lag, en er niets anders opzat dan op te staan en naar buiten te gaan om een urgent economisch probleem op te lossen. Alleen hij kon dat doen. Een van de vrouwen die de zorg had voor de huishouding van de hoofdzetel van het Werk en die wist dat don Álvaro de dag daarvoor koorts had, maar niet wist of dat al over was, zei toen ze dit hoorde tegen de heilige Jozefmaria: "Gisteren had hij hoge koorts.” Hierop antwoordde de stichter heel vaderlijk: jou zou ik niet hebben laten gaan, maar hem wel . Hij wist dat hij zelfs hierin kon steunen op deze zoon van hem, die hij vele jaren eerder had gekwalificeerd als saxum , rots.

En wat was de onderliggende reden voor dit gedrag? In het decreet over de heldhaftige deugden lezen we dat "de toewijding van de Dienaar Gods bij het vervullen van de missie die hij had ontvangen was geworteld in een diep besef van het kindschap Gods, wat hem ertoe aanzette de identificatie met Christus te zoeken in vertrouwvolle overgave aan de wil van de Vader, vol liefde voor de heilige Geest, voortdurend verzonken in gebed, gesterkt door de eucharistie en met een tedere liefde voor de allerheiligste Maagd Maria." [7] Vervolgens zegt dit document van de Heilige Stoel dat don Álvaro "blijk gaf van heldhaftigheid in de manier waarop hij het hoofd bood aan de ziektes waarin hij het kruis van Christus zag (…) en ook aan de aanvallen waaronder hij te lijden had in zijn trouw aan de Kerk. Hij was een man van diepgaande vriendelijkheid en minzaamheid, hij gaf rust en sereniteit aan de zielen. Niemand kan zich een onvriendelijke geste van hem herinneren, of een uiting van ongeduld bij tegenslagen, of een woord van kritiek of protest bij een moeilijkheid. Hij had van de Heer geleerd om te vergeven, om te bidden voor de vervolgers, om priesterlijk zijn armen te openen om iedereen, met een glimlach en christelijke begrip, te ontvangen." [8] Paus Franciscus zei een paar weken geleden dat de heiligen geen supermensen zijn, noch volmaakt geboren worden. Ze zijn net als wij, zoals ieder van ons. Het zijn mensen die voordat zij de heerlijkheid van de hemel bereikten een normaal leven hebben geleid, met vreugde en verdriet, vermoeidheid en hoop. Maar wat heeft hun leven veranderd? Toen ze de liefde van God leerden kennen zijn ze Hem met heel hun hart gevolgd, onvoorwaardelijk en zonder te veinzen. Ze hebben hun leven in dienst van anderen gesteld, hebben lijden en tegenslagen doorstaan zonder te haten en hebben op het kwade geantwoord met het goede, ze hebben vreugde en vrede verspreid. Dit is het leven van de heiligen: mensen die in hun liefde voor God geen voorwaarden aan Hem stelden. [9]

Deze woorden van de Heilige Vader schetsen, naar mijn mening, een portret van don Álvaro. Laten we, herhaal ik, zijn voorspraak inroepen, opdat we sterk kunnen blijven bij moeilijkheden en tegenslagen, en met vertrouwen in God onze Vader.

Naast saxum , een steun bij veel gelegenheden voor de heilige Jozefmaria zijn, was don Álvaro door zijn manier van doen, vooral een enorme steun om het Werk vooruit te brengen. En dit niet alleen met zijn medewerking in het bestuur van het Opus Dei, of met zijn inzet om de geschikte rechtsvorm van het Werk als personele prelatuur te bereiken, maar ook in zijn taak om het voor iedereen te vergemakkelijken om in de verschillende omstandigheden trouw te zijn aan de geest van het Werk. Vaak herhaalde onze Vader dat don Álvaro hem regelmatig, gedreven door de heilige Geest, herinnerde aan een aspect van de geest van het Opus Dei dat de heilige Jozefmaria in een gesprek wilde aanraken: de praktijk van de broederlijke vermaning, de noodzaak om zich als een vader of moeder te gedragen tegenover de mensen met wie we te maken hebben, een vriendelijke en serene ontvangst van wie onder iets lijdt of zorgen heeft…

Soms vroeg hij hem zelfs om een suggestie om zijn persoonlijke relatie met God te verdiepen. Onze Vader lichtte dit toe door zijn ziel te openen voor een klein groepje van zijn zonen. Bij een van die gelegenheden zei hij: vandaag, na de dankzegging, heb ik don Álvaro gevraagd om een vrome overweging die me kon helpen om meer van Jezus in het tabernakel te houden. En hij heeft mij ervan bewust gemaakt dat Maria daar noodzakelijkerwijze ook op een of andere manier aanwezig is, en met Maria, ook Jozef. We kunnen niet zeggen hoe, maar zij zijn daar. Ze kunnen niet los gezien worden van hun Zoon . [10]

19 februari is de naamdag van don Álvaro en ik moet nu denken aan iets wat onze Vader heeft opgemerkt. In 1974 zei hij precies op deze datum over deze trouwste zoon van hem: bij don Álvaro gebeurt iets dat heel goed is: hij is niet vernoemd naar een heilige, maar naar een zalige. Dus als hij niet heilig wordt, weet ik niet wat we moeten doen… [11] Deze wens van de heilige Jozefmaria staat op het punt om in vervulling te gaan: als God wil zullen wij vanaf zijn zaligverklaring zijn naamdag kunnen vieren op de dag die de Heilige Stoel vaststelt om hem liturgisch te gedenken.

Nogmaals, het overwegen van de dagelijkse beantwoording van don Álvaro kan ons helpen, al zeker in de komende maanden, om in de voetsporen van de heilige Jozefmaria te treden. Zo zullen wij Christus volmaakter navolgen. Ik citeer enkele woorden van mijn voorganger die ons zullen helpen een persoonlijk gewetensonderzoek te doen, dat diep en vol vrede is.

“Onze Vader is alle jaren van zijn aardse leven als het ware door de heilige Geest door elkaar geschud; zowel in de eerste tijden toen hij zich dat nog niet bewust kon zijn, als daarna toen hij het volledig besefte en op een heldhaftige manier aan de werking van de heilige Geest beantwoord heeft. (…) Hij zei altijd dat het enige dat hij sinds 2 oktober 1928 hoefde te doen, was zich te laten leiden. Dat is gemakkelijk gezegd, maar als wij zijn leven rustig overdenken, merken wij dat dit zich laten leiden , dit enige wat hij hoefde te doen, voor hem ontelbare offers, bespottingen, onbegrip, eenzaamheid, roddels heeft betekend, zowel voor als na de stichting van het Werk.

Laten wij ons voornemen ons ook op deze manier door God te laten leiden (vgl. Rom . 8, 14). De beantwoording van onze Vader is op elk moment heldhaftig geweest, ook al heeft hij dat met deze uitspraak willen afzwakken. Laten wij proberen hem na te volgen, en als we dat niet op een geweldige manier kunnen, dan toch tenminste als goede kinderen. Onze Vader was een reus in de heiligheid. Wij, kinderen die trachten in de voetsporen van zo’n goede vader te treden, moeten eveneens heilig worden.” [12]

Laten we voor de paus blijven bidden, voor zijn intenties en voor zijn naaste medewerkers. En ook in het bijzonder de vruchten van het consistorie aanbevelen dat in de tweede helft van deze maand wordt gehouden, opdat het ten goede strekt voor de Kerk, de wereld en de zielen. En blijft ook heel verenigd met mijn intenties, het zijn er heel veel, opdat ze worden verwezenlijkt zoals God het wil. Ik voel me gedrongen jullie te vragen: hoe en hoeveel bidden jullie voor paus Franciscus? Hoe helpen jullie hem met een edelmoedige verstervingsgeest? Beleven jullie vaak het omnes cum Petro ad Iesum per Maríam : allen met Petrus naar Jezus via Maria?

Bidt voor de uitbreiding van het Werk naar nieuwe landen, waar ze ons onophoudelijk vragen om te komen. Tijdens de reis naar Jeruzalem heb ik de vreugde beleefd met jullie allemaal te bidden bij het Heilig Graf, in de Hof van Olijven, in de Geboortekerk… Ik moest denken aan de diepe vreugde van don Álvaro toen hij deze plaatsen bezocht. Een paar dagen daarna ben ik in Sri Lanka en India geweest. In dit laatste land, waar we al enige tijd werken, heb ik gezien hoe het werk van het Opus Dei wortel schiet. In Sri Lanka, waar we kort geleden zijn begonnen, worden de eerste vruchten al zichtbaar. Laten we God veel dank zeggen en het voornemen hernieuwen om, iedereen vanaf zijn eigen plaats, aan de apostolische expansie deel te nemen met ons gebed en ons werk dat omgezet wordt in gebed, en door alle zielen, de hele mensheid te beminnen. Wat heeft onze Moeder de heilige Kerk een prachtige taak!

Met alle genegenheid zegent jullie,

jullie Vader + Javier

Rome, 1 februari 2014

1. Congregatie voor de Heiligverklaringen, Decreet over de deugden van de Dienaar Gods Álvaro del Portillo , Rome, 28-6-2012.

2. Mt 25, 21.

3. Vgl. Congregatie voor de Goddelijke Eredienst en de Discipline van de Sacramenten, Decreet houdende de goedkeuring van de kalender die eigen is aan de personele prelatuur van het Heilig Kruis en Opus Dei , Rome , 10-11-2012.

4. Heilige Jozefmaria, Akte van een altaarwijding, 21-10-1972.

5. Paus Franciscus, encycliek Lumen fídei , 29-6-2013, nr. 56.

6. Heilige Jozefmaria,Aantekeningen van een meditatie, 2-11-1958.

7. Congregatie voor de Heiligverklaringen, Decreet over de deugden van de Dienaar Gods Álvaro del Portillo , Rome, 28-6-2012.

8. Ibid.

9. Paus Franciscus, woorden bij het Angelus, 1-11-2013.

10. Heilige Jozefmaria,Aantekeningen van een familiebijeenkomst, 3-6-1974.

11. Heilige Jozefmaria, Aantekeningen van een familiebijeenkomst, 19-2-1974.

12. Don Álvaro, aantekeningen van een meditatie, 9-1-1977.

Copyright © Prælatura Sanctae Crucis et Operis Dei