Decreet van de Heiligverklaring

Johannes Paulus II erkent met dit decreet op plechtige wijze de heiligheid van Jozefmaria Escrivá. In dit document van 6 oktober 2002 noemt de paus hem “de heilige van het gewone leven”.

In dit document van 6 oktober 2002 noemt de paus hem “de heilige van het gewone leven”.

LITTERAE DECRETALES

Beato Iosephmariae Escrivá Sanctorum honores decernuntur

IOANNES PAULUS PP II

Servus Servorum Dei - Dienaar der Dienaren Gods

ad perpetuam rei memoriam - tot blijvende herinnering

"Domine, ut videam!" (vgl. Lc 18, 41), "Domina, ut sit!", "Omnes cum Petro ad Iesum per Mariam!", "Regnare Christum volumus!" (vgl. 1 Cor 15, 25), "Deo omnis gloria!" (vgl. Romeinse canon, doxologie). Deze schietgebeden vatten het leven samen van de zalige Jozefmaria Escrivá. Hij begon de eerste twee te bidden toen hij, nog maar net zestien jaar oud, de eerste voorgevoelens kreeg van een goddelijke roeping. Daarmee drukte hij zijn hartenwens uit: te zien wat God van hem verlangde om de wil van de Heer liefdevol te vervullen. Het derde schietgebed is vaak in de geschriften van zijn eerste jaren als priester terug te vinden. Het geeft weer hoe zijn ijver voor de zielen gepaard ging met een onwankelbaar verlangen om trouw te zijn aan de Kerk en met een diepe devotie tot de Moeder van God, de maagd Maria. "Regnare Christum volumus!": deze woorden vatten zijn voortdurende pastorale zorg samen om onder alle mannen en vrouwen de oproep te verbreiden om, in Christus, te delen in de waardigheid van de kinderen van God door alleen te leven om Hem te dienen: "Deo omnis gloria!"

Hij paste dit programma toe in de gewone bezigheden van iedere dag. Hij kan dan ook terecht “de heilige van het gewone leven” worden genoemd. Zijn leven en boodschap hebben talloze gelovigen – vooral leken die in de meest uiteenlopende beroepen werkzaam zijn – ertoe gebracht het dagelijks werk om te vormen in gebed, in een dienst aan alle mensen en in een weg tot heiligheid.

De zalige Jozefmaria Escrivá de Balaguer werd in Barbastro (Spanje) geboren op 9 januari 1902. Hij ontving de priesterwijding op 28 maart 1925. Op 2 oktober 1928 liet de Heer hem de opdracht zien waartoe Hij hem riep en op die dag stichtte hij het Opus Dei. Aldus werd in de Kerk een nieuwe weg ontsloten om onder mensen van alle rassen, culturen en afkomst het bewustzijn te verspreiden dat allen geroepen zijn tot de volheid van de liefde en tot het apostolaat op ieders eigen plaats in de wereld. De Heer zoekt ons in de gewone levensomstandigheden, die de basis vormen voor ons liefdevolle antwoord. In het onderricht van Jozefmaria Escrivá wordt het met de hulp van de genade verrichte werk omgezet in een onuitputtelijke vruchtbare bron. Het is het instrument om het Kruis aan de top van alle menselijke activiteiten te plaatsen; een middel om de wereld van binnenuit om te vormen in de Geest van Christus en een gelegenheid om haar met God te verzoenen.

Het werk dat Jozefmaria Escrivá voor de priesters heeft gedaan, persoonlijk en door middel van het op 14 februari 1943 opgerichte Priestergenootschap van het Heilig Kruis, heeft hem tot een lichtend voorbeeld gemaakt van zorg voor de heiligheid en collegialiteit onder de priesters.

In 1946 verhuisde hij naar Rome. Gesteund door zijn onvermoeibare apostolische verlangen, beijverde hij zich voor de verspreiding van de christelijke boodschap over heel de wereld, altijd in volle aanhankelijkheid aan de Paus en met het verlangen om de plaatselijke kerken te dienen. Hij inspireerde een breed scala aan initiatieven om de waardigheid van de mens te bevorderen. Deze initiatieven hebben effectief bijgedragen aan de maatschappelijke vooruitgang en aan de verbreiding van het Evangelie.

Op zijn talrijke reizen door Europa en Latijns-Amerika heeft hij onvermoeibaar catechese gegeven. Een menigte mannen en vrouwen, aangetrokken door zijn faam van heiligheid, kwamen naar hem luisteren.

Rond het middaguur op 26 juni 1975 gaf hij zijn ziel aan God als gevolg van een hartaanval. Zijn lichaam rust in de prelaatskerk van het Opus Dei, die gewijd is aan Onze Lieve Vrouw van de Vrede. Gelovigen uit heel de wereld komen er bidden.

Na zijn dood verbreidde de faam van heiligheid van Jozefmaria Escrivá zich. Aan zijn voorspraak worden vele wetenschappelijk onverklaarbare genezingen toegeschreven en talrijke geestelijke gunsten.

Wijzelf verklaarden de stichter van het Opus Dei op plechtige wijze zalig op 17 mei 1992 op het Sint Pietersplein.

Sindsdien is het aantal gunsten dat de gelovigen toeschreven aan de voorspraak van de zalige Jozefmaria Escrivá toegenomen. Uit deze gunsten kozen de initiatiefnemers van het proces een genezing. Zij legden de genezing voor aan de Heilige Stoel, opdat deze na onderzoek zou toestaan dat aan de zalige de eer van de heiligen zou worden verleend.

In 1994 werd in de aartsbisschoppelijke curie van Badajoz een proces over deze genezing gehouden. Nadat de gebruikelijke onderzoeken door de Congregatie voor de heiligverklaringen met positief resultaat waren verricht, werd op 20 december 2001 in onze aanwezigheid het betreffende decreet over het wonder uitgevaardigd. Vervolgens, na de instemming te hebben vernomen van de op het consistorie van 26 februari 2002 bijeengeroepen kardinalen en bisschoppen, bepaalden wij dat de ceremonie van de heiligverklaring op 6 oktober van dat jaar zou plaatsvinden.

Daarom hebben wij vandaag in een plechtige Mis op het Sint Pietersplein voor een talloze menigte gelovigen de volgende formule uitgesproken: Tot eer van de Allerheiligste Drie-eenheid, voor de verheffing van het katholieke geloof en de groei van het christelijke leven; op gezag van Onze Heer Jezus Christus, van de heilige apostelen Petrus en Paulus en op ons eigen gezag; na rijp beraad, na inroeping van de goddelijke hulp en na raadpleging van vele broeders in het bisschopsambt, verklaren wij de zalige Jozefmaria Escrivá de Balaguer heilig en nemen wij hem op in de Catalogus van de Heiligen. Wij bepalen dat hij in heel de Kerk devoot onder de heiligen wordt vereerd. In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

Wij bepalen dat hetgeen wij gedecreteerd hebben nu en voor altijd van kracht blijft en dat er niets tegenin zal worden bepaald.

Gegeven te Rome op het Sint Pietersplein op 6 oktober 2002 in het vierentwintigste jaar van ons pontificaat.

Johannes Paulus

Bisschop van de Katholieke Kerk